KvKas: Jul 26

Onderaan deze rubriek ziet u altijd staan dat de KvKas ‘twaalf nummers zijn, niet meer en niet minder. Omdat het universum al chaotisch genoeg is.’
Nou, de paar keren dat ik daarvan ben afgeweken, heb ik dat wel geweten. De mailbox stroomde vol.
Een dertiende nummer, wat ís dit?! Jij bent geen knip voor de neus waard.
O, dus als het meneertje even uitkomt mag dat universum toch wél nog wat chaotischer worden? Lekker dan.
Dat soort berichten. En toch laat ik mij daar niet door intimideren.
Dit is míjn rubriek, dit is míjn site, dit is míjn leven. Als ik ervoor kies van mijn eigen regels af te wijken, dan doe ik dat. Mijn slagveld van gekilde darlings is wel groot genoeg, ik heb nu potdomme vakantie.

En deze lijst brengt ook wel redelijk een vakantiegevoel. Dat was niet per se de opzet; als ik mij had voorgenomen een vakantieplaylist in elkaar te draaien had ik volstrekt andere keuzes gemaakt. Nee, zoiets sluipt er gewoon in, dat is nou juist het mooie ervan. En wat het oplevert is een potpourri van lome, broeierige, weemoedige klanken uit uiteenlopende tijdperken, met de nodige grote namen en enkele obscuurdere parels.

Ditmaal ga ik niet elke keuze toelichten, ook daarvoor ben ik te weloverwogen lui. Maar wie ik ieder geval wil uitlichten zijn The Magnetic Fields. Enkele maanden geleden publiceerde The New York Times een lijstje met de ‘dertig beste nog levende Amerikaanse songschrijvers’. Om zulke lijsten is natuurlijk altijd wel wat te doen. Want waarom bijvoorbeeld wél Mariah Carrey en níet Randy Newman? Dat soort kwesties. Ontzettend oninteressant en daarom juist zo interessant. Wat mij echter aangenaam verraste was om - als enige representant van de zogenaamde indiescene - de droogkomische romanticus Stephin Merritt op deze lijst tegen te komen. Volledig terecht natuurlijk, als schrijver van zinnen als ‘On the Ferris wheel looking out on Coney Island / Under more stars than there are prostitutes in Thailand’.
En zo valt er pagina’s lang uit dit oeuvre te citeren, om over de verslavende melodieën nog maar te zwijgen. Merritt en zijn Magnetic Fields zitten altijd wel in mijn hoofd, maar dankzij The New York Times de afgelopen tijd weer prettig op de voorgrond.

Ook wil ik graag Olivia Rodrigo (die overigens ooit een Magnetic Fields-nummer coverde) noemen, want wat matcht haar bedrieglijk zoetgevooisde popstem toch wonderlijk kloppend met het existentiële gekweel van haar grote held Robert - The Cure - Smith. Voor dat soort samenwerkingen zijn wij hier op aard. En dan is er nog Polly Jean Harvey, die zichzelf al decennialang blijft vernieuwen en altijd even ongrijpbaar blijft. Haar astronomische klanken mogen deze KvKas openen.

Verder hoort u onder meer wat snufjes soul, psychedelica en new wave voorbij komen. Vaak met een verleidelijk glinsterend oppervlakte om uw teen in te steken, op het gevaar af een onpeilbare duisternis in te worden getrokken. Maar ach, zo kennen we elkaar…

01. PJ Harvey - Voyager (2026)
02. The Poppy Family - Where Evil Grows (1971)
03. The End - Shades Of Orange (1969)
04. The Magnetic Fields - Strange Powers (1994)
05. Olivia Rodrigo [ft. Robert Smith] - What’s Wrong With Me (2026)
06. The Psychedelic Furs - The Ghost In You (1984)
07. Echo And The Bunnymen - Bring On The Dancing Horses (1985)
08. Destroyer - Suicide Demo For Kara Walker (2011)
09. Freur - Doot Doot (1983)
10. Spoon - New York Kiss (2014)
11. The Pointer Sisters - Don’t It Drive You Crazy (1977)
12. The Undisputed Truth - Smiling Faces Sometimes (1971)
13. Animal Collective - What Would I Want? Sky (2009)

Mede-Qobuzianen beluisteren de lijst hier.
Maak je gebruik van een ander medium, dan mag je het eigenhandig bij elkaar sprokkelen.

De Keuze van Kas is mijn maandelijkse playlist, met daarin recente muzikale vondsten, maar ook vertrouwde favorieten of (her)ontdekkingen uit een verleden. De ene keer komen die samen in een coherente flow, de andere keer vliegt het lekker vele kanten op. En o ja, het moeten elke keer twaalf nummers zijn, niet meer en niet minder. Omdat het universum al chaotisch genoeg is.